De Elba

Boerderij Elba (Syssemaheerd)

Vroeger heeft op de plaats waar nu de Groningse wijk de Hunze ligt, een boerderijtje met de naam Elba gestaan. Van deze boerderij zijn in 1988 nog overblijfselen gevonden tijdens opgravingen naar de restanten van een steenhuis. Boerderij en steenhuis hebben op ongeveer dezelfde locatie gestaan, de plek waar nu de Van Eesterenlaan en de Berlageweg elkaar kruisen.

Boerderij Elba hoorde vroeger bij het grondgebied van Beijum en had als adres Beijumerweg 7. De woning stond te midden van de landerijen van de boer Barkema, veeboer Freerk Rasker, de oude veeboer Geert Kamps en de melkveeboeren Max en Jan Uitham (inderdaad, de schaatser). De boerderij was met enige moeite via een smal, kleiachtig pad te bereiken vanaf de Beijumerweg.

Op het eind is Elba verhuurd aan een autosloperij die de boerderij en het land gebruikte voor het stallen van oude sloopauto’s. Het gezin Kolstein had huur betaald tot 1 november 1965, maar vóór die datum had boer Barkema de autosloper al toegelaten tot het terrein. Hij begon met het slopen van draagmuren uit de woning om zo meer ruimte te creëren, waardoor de boerderij nog meer een bouwval werd.

Het verdere verval van Elba voltrok zich in rap tempo en trok vandalen aan. Uiteindelijk is de boerderij in de as gelegd door een paar kwajongens. Net als het steenhuis ging dus ook dit stukje geschiedenis op in rook.

Het hele artikel lees je hier: De Elba (lang).

Boeskoolboer Jacob Laning

Op pagina 99 van het geschiedenisboek over Beijum staat een foto waarop Jacob Laning te zien is. Hij is zijn land aan het frezen, terwijl op de achtergrond de Bentismaheerd wordt gebouwd. De foto geeft een indringend beeld van de overgang van Beijum van buurtschap naar stadswijk.

Jaap Ekhart had in oktober 2013 een interview met Jacob en zijn vrouw Coby.

De familie Laning, drie generaties boeskoolboeren (kort)
Jacob Laning, geboren op 19 april 1930 in Zuidwolde, gaat er recht voor zitten. “Mijn grootvader Pieter Laning, mijn vader Jan Laning en zijn broer Jacob, mijn broer Pieter en ik … allemaal waren we boeskoolboer.”
Lachend zegt hij: “… over het geven van namen aan hun zonen hebben de Lanings nooit moeilijk gedaan. Het was gewoon Pieter, Jan of Jacob.”

Op zeer zware klei kan alleen maar ‘op’ de grond worden geteeld. Vandaar de boeskoolteelt rondom Zuidwolde en Beijum. Kolen komen immers op de grond tot volle wasdom. Kleiaardappelen groeien ‘in’ de grond en worden geteeld op lichtere klei.

Met de bouw van ‘het nieuwe Beijum’ verloren Jacob en Pieter Laning een stuk grond. “Het geld dat we voor het land kregen was een kleine compensatie, lag ver beneden de waarde. Eigenlijk zijn we onteigend.” Toch blikt Jacob tevreden terug: “Ik heb een mooi en rijk leven gehad. Beter had niet gekund.”

Na 22 jaar, in 1977, verhuizen Jacob en Coby naar de Koolstraat (Zuidwolde). “Een koolboer die in de Koolstraat woont, mooier kan het toch niet!” In 2005 zeggen Jacob en Coby Zuidwolde vaarwel en betrekken ze hun nieuwe woning in Bedum. “Maar natuurlijk voelen we ons nog steeds verbonden met Zuidwolde.”

Meer lezen? Het uitgebreide interview.

Wandelen over het Laantje

Een schoolmeester uit Leens maakte halverwege de 19e eeuw ‘cultuur-historische wandelingen’ door de provincie Groningen. Zo wandelde hij ook over het Laantje, een vroegere naam voor de Beijumerweg. Hij praatte in Beijum met bewoner Ekke Gerrits de Vries van de boerderij waar nu de Boerderijum staat, en met boer Oosterhuis. Die woonde op de plek van basisschool De Heerdstee en kerk De Bron.

Zijn conclusie: het dorp Beijum is min of meer verdwenen, maar er zijn nog veel aanwijzingen die wijzen op een rijk verleden (bewoning, borg, kapel).

In het uitgebreide verhaal staan de volgende kopjes:
> Schoolmeester Rijkens bezoekt boer Oosterhuis
> De Heerdstee
> Gebouwd op koeiehuiden
> Verhoging of wierde?
> ‘Digte sluier’ over geschiedenis Beijum
> De naam Heerdstee.

Het uitgebreide verhaal over de bijzondere plek waarop De Heerstee en De Bron zijn gebouwd, staat achter deze link: Laantje (lang).